MAGISTER

INLOGGEN

INFORMATIE

Wiskunde

Wiskunde is de taal van de getallen
Wiskunde stijgt boven het niveau van rekenen uit. Zo werken we bij wiskunde niet alleen met getallen, maar ook met letters zodat we formules (en vergelijkingen) kunnen maken. Met deze formules kunnen we verbanden makkelijker verwoorden.
Een voorbeeld: Je gaat op vakantie waar je auto wilt huren. Je betaalt bij een bedrijf een standaard bedrag van 50 euro en daarnaast 30 cent per kilometer waarbij je niets betaalt voor de eerste 25 kilometer. Een lange, talige zin, die je misschien wel twee keer moet lezen voordat je hem snapt. In de wiskunde zouden we dat uitdrukken als bedrag in euro's = 50 + 0,3 × (aantal km – 25). Een heel stuk begrijpelijker! Wiskunde stelt ons in staat te communiceren zonder overbodig menselijk taalgebruik. Gewoon optellen, vermenigvuldigen, is-gelijk-aan, enzovoort. Een taal die overal op de wereld begrepen wordt. De wiskundige tekens zijn hetzelfde of je nou Engels, Frans, Spaans of Nederlands spreekt.

Probleemoplossend vermogen / logisch beredeneren
Bij wiskunde leer je problemen oplossen. Je krijgt ontelbaar veel wiskundige vraagstukken in je schoolcarrière. Al deze 'problemen' los je op door iedere keer een bepaalde aanpak te gebruiken. Meestal bestaat die aanpak uit een aantal vragen die je jezelf stelt. Welke informatie is gegeven? Wat wordt van me gevraagd? Wat heb ik daarvoor nog meer nodig? Hoe kan ik het gevraagde krijgen/berekenen met de gegeven informatie?
Deze aanpak van problemen oplossen is echter ook toepasbaar op heel veel problemen die niets met wiskunde te maken hebben. Wiskunde maakt je een betere probleemoplosser!